Op deze pagina vindt u informatie wanneer er bij u een pacemaker geïmplanteerd is, of wanneer er een pacemakerwissel heeft plaatsgevonden. U leest waar u de eerste weken na implantatie of wissel thuis op moet letten. Lees deze informatie aandachtig door.

De wond

Als de wond gehecht is, moet u na de ingreep de wond ten minste 3 dagen droog houden. Er zit een doorzichtige pleister overheen. Verschoon de pleister bij lekkage dagelijks. Een broeierige omgeving is niet goed voor het herstel.

Na 3 dagen moet de wond dicht zijn, kunt u de pleister verwijderen en mag u voorzichtig weer douchen. De hechtdraad loopt onderhuids en lost vanzelf op. Mochten er nog draadrestjes uit de wond steken, dan verdwijnen deze meestal vanzelf. Is dit niet het geval dan kunt u deze tijdens de pacemakercontrole laten verwijderen. Wanneer (ongeveer na 2 weken) en waar deze controle is, staat op het afsprakenformulier dat u bij ontslag mee krijgt.

Pijn

De eerste dagen kunt u pijn voelen op de plek waar u geopereerd bent. Neem dan maximaal vier keer per dag 500 mg Paracetamol.

Temperatuur

Als reactie op de ingreep kan er in de eerste dagen sprake zijn van geringe temperatuursverhoging. Hierna moet de temperatuur weer normaal worden.

Bewegingsbeperking

Wanneer u voor de eerste keer een pacemaker geïmplanteerd heeft gekregen, of u heeft een wissel ondergaan met bijplaatsing of vervanging van een geleidingsdraad, dan gelden voor u de volgende bewegingsbeperkingen.

De eerste 6 weken na de operatie:

  • Mag u de arm aan de kant van de pacemaker niet boven schouderhoogte heffen en niet verder naar achteren bewegen dan 20 cm. Om verstijving van de schouder te voorkomen adviseren wij u de arm aan de zijde waar de pacemaker is geplaatst wel te blijven bewegen.
  • Moet u het tillen van gewichten zwaarder dan vijf kilo met die arm vermijden.

Na deze periode van 6 weken zijn de pacemaker en de geleidingsdraden voldoende vastgegroeid zodat alle bewegingen met uw arm weer mogelijk zijn.

Indien alleen een wissel van pacemaker heeft plaatsgevonden gelden deze bewegingsbeperkingen niet.

Autorijden

Bij een pacemakerimplantatie of een pacemakerwissel met bijplaatsing of vervanging van een geleidedraad, raden wij aan om 1-2 weken geen auto te rijden. De wond moet genezen en u moet wennen aan de pacemaker.

Bij een pacemakerwissel zonder bijplaatsing of vervanging van een geleidedraad, raden wij aan om ongeveer 3 dagen geen auto te rijden. Dan is de wond meestal genezen.

Beroepschauffeurs
Volgens het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) mag u als beroepschauffeur pas weer autorijden na een keuring door een onafhankelijke, door het CBR aangewezen arts. U moet het CBR dus op de hoogte brengen van de implantatie. Als u dit niet doet rijdt u onverzekerd.

Sporten

De eerste 6 weken na implantatie zijn de meeste sporten niet toegestaan. Daarna zijn de meeste sporten gewoon mogelijk. Alleen met contactsporten, zoals vechtsporten of balsporten moet u oppassen. Een klap of trap op de plek van uw pacemaker is erg pijnlijk. De pacemaker gaat hierdoor niet kapot, maar er is wel een kleine kans dat de aansluiting van een elektrode knapt.

Controle

Na de operatie krijgt u een afspraak mee voor controle op de pacemakerpolikliniek. Tijdens deze afspraak worden uw wond en de pacemaker gecontroleerd door de pacemakertechnicus. U krijgt ook een afspraak voor een bezoek aan de cardioloog mee.

Meer informatie

Voor informatie over uw pacemaker met betrekking tot de wond, omgevingsinvloeden, sporten, reizen of andere onderwerpen, verwijzen wij graag naar de brochure ‘Pacemaker’ van de Nederlandse Hartstichting. U krijgt dit boekje van uw cardioloog en kunt het eventueel downloaden via: www.hartstichting.nl

Daarnaast kunt u natuurlijk uw vragen stellen aan de cardioloog, zaalarts of de cardioloog die de pacemaker bij u inbracht.

Vragen en problemen

Als u na thuiskomst nog vragen heeft of onverwachte klachten krijgt, dan kunt u altijd via het ziekenhuis uw behandelend specialist opbellen. Als deze niet bereikbaar is, verbindt men u door met het dienstdoende avond- of nachthoofd. U kunt dan met hem of haar de vragen of klachten bespreken. Het telefoonnummer van het ziekenhuis is 020 – 755 7000.

 In de volgende situaties altijd het ziekenhuis bellen

  • Wanneer de wond vocht en/of bloed blijft lekken en/of de wond is dik en pijnlijk.
  • Als de pijn na 3 dagen nog steeds onveranderd aanhoudt of verergert.
  • Bij temperatuur hoger dan 38°C.

Tijdens kantooruren kunt bellen met de polikliniek Cardiologie (020 – 755 7005). Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met het WAN-hoofd (WAN staat voor ‘Weekend, Avond, Nacht’), via het algemene telefoonnummer van het ziekenhuis (020 – 755 7000).

Specialismen & afdelingen